|
Media
|
|
|
-Slagwerkkrant - ( sep. 2007 )
|
|
Ook dertien nummers staan er op Middle Aged Angry Young Men. Hé, is dit Mo’Jones? De (op)rechte rock van opener Hey You doet niet direct denken aan de muziek van de voorgaande albums 'Strong Man' (2002) en 'My World' (2004), maar de broers Van der Burgt leveren gewoon opnieuw een goede plaat af. Vooral uptempo rocknummers met een beetje soul en funk, zonder al te veel opsmuk. Goed geproduceerd met een rauw randje. Favorieten? Het broeierige Runnin’ Blind For You, Get Out A Here à la Living Colour, I Love Myself en het groovy Somewhere Inbetween Stansted And London. Drummer Philip Kerkhofs, het derde bandlid, heeft de bedoeling van de liedjes goed begrepen. Heldere sound, dynamisch en het motto ‘minder is meer’ overtuigend toegepast. Door: Daniëlle Pijpers / Jean-Paul Heck
|
|
|
De Oor- ( juli 2007 )
|
|
Mo’Jones blijft lekker eigenwijs bezig. Tja, de broers Jan
en Ron Van der Burgt – alias Mo’ en Skinnie Jones –
denken nu eenmaal niet in marketingstrategieën en
hebben de bakens andermaal rigoureus verzet. Hun
debuut Strong Man stond in het teken van overdadig
gearrangeerde r&b, funk en hiphop, opvolger My World
(het album dat de band Pinkpopfaam bezorgde)
markeerde een stapje terug naar eenvoud en pure pop,
maar Middle Aged Angry Young Men gaat pas echt tot
op het bot. Het beheerste, Paul Simon-achtige juweeltje
Somewhere Inbetween Stansted And Londen
daargelaten is het voornamelijk robuuste rock wat de
klok slaat. Binnen amper een week rauw, basaal en live
ingeblikt met louter gitaar, bas, drums (Philip Kerkhofs)
en stem. Mo’ blijft een wereldzanger, terwijl gitarist
Skinnie in zijn composities een haast achteloos
vakmanschap etaleert. Die zijn zonder uitzondering
bovenmodaal. Sterke riffs, potige grooves en
intelligente teksten. Zo koppelt hij in het verraderlijk
opgewekt klinkende State of Mind zijn eigen nogal
sarcastische wereldbeeld aan de laffe moord op Theo
van Gogh. De begeleiding is navenant compact, strak
en beklijvend. Riskante onderneming, alweer zo’n
stilistische ommezwaai, maar niet geschoten is altijd
mis. En als we het toch doen, dan maar meteen midden
in de roos, zullen de broertjes gedacht hebben.
Door: Marcel Haerkens
|
|
|
-Dagblad de Limburger - ( juli 2007 )
|
|
Mo’Jones is een graag (en vaak) geziene gast bij zowel muziekliefhebbers als collega-artiesten. Niet verwonderlijk, er zijn er in Limburg maar weinig die meer eerlijk talent en puurheid in hun donder hebben. En daarom is het goed om te horen dat Mo, Skinny en drummer Philip Kerkhofs zichzelf steeds opnieuw blijven uitvinden. Middle Aged Angry Young Men (REMusic) is geen funk- en/of soul-plaat zoals je misschien zou verwachten. Nee, het is wat de titel zegt: drie mannen – bij wie de jaren beginnen te tellen – die als jonge honden tekeergaan. Na Strong Man (2003) en My World (2005) horen we hier een verzameling korte, pittige rockers zonder opsmuk en een minder romantisch wereldbeeld. Puur technisch is hier minder te scoren – goed om te horen dat de heren het daar dus niet van hoeven te hebben – qua energie des te meer. En dat verwacht je juist weer wél van Mo’Jones. Door: Jeroen Geerts
|
|
|
-Eerste Recensie - ( 21 mei 2007 )
|
|
Op hun nieuwe blinkende schijfje gaan de sympathieke Sittardse funksoulbrotha's Ron van der Burgt(Skinnie Jones), Jan van der Burgt(Mo'Jones) en Philip Kerkhofs aan de haal met rudimentaire rock-n-roll. Op zich gebeurt er niets opzienbarends op Middle aged angry young men. Met gitaar, bas en drums banen de muzikanten zich een weg door de liedjes die bijna allemaal van het explosieve soort zijn, en het eerder van hun overtuigingskracht moeten hebben dan van de originaliteit. Iedereen die weet hoe een gitaar werkt kan MC5 of The Stooges naspelen, doch slechts weinigen is het gegeven om mokerslagen uit te delen die de luisteraar met stomheid slaan. Dat is precies wat Mo'Jones doet vanaf het moment dat de eerste klanken van Hey You de stilte verdrijven. Dit in zes dagen opgenomen album levert een hoop oersimpele sterke songs af. Het getuigt van heel veel lef om op je derde plaat waar enorm veel van wordt verwacht, het roer radicaal om te gooien. Tevergeefs is het zoeken naar een gladde productie. Toch blijkt het een evolutie te zijn om toe te juichen. Mo'Jones klinkt volwassener,directer en emotioneler dan ooit. Natuurlijk kan het niet allemaal goud zijn wat er blinkt. Met uitzondering van het verrassende outro is Get out a here ronduit vervelend. State of mind lijkt in eerste instantie ook gezapig maar verandert mede door de open en eerlijke tekst al snel in een nijdig rocknummer. Mo zingt met een heerlijke me-against-the-world-attitude. Hij meent het, zoveel is duidelijk. Middle aged angry young men is een brok rauwe energie die zich kanaliseert in ongepolijste songs en opnieuw een puike stap voorwaarts. De nieuwe wind is verfrissend, opwindend en simpelweg van grote klasse. Ze verdienen uitverkochte zalen. Koop dit album(vanaf 21 Mei). Door: Herman Poels
|
|
|
Playground artikelen ( juli 2007 )
|
Door : Marike Peters en Ernest Poelma
|
|
|
Fret recensie ( juli 2007 )
|
Door : Di-Lan Sun, Fret popmagazine
|
|
|
Recensie FileUnder- ( juli 2007 )
|
|
Dan hebben de heren van Mo'Jones het beter voor elkaar. De Sittardse broers Jan (bas, zang) en Ron (gitaar, composities) van der Burg zijn Mo en Skinnie Jones. Hun poprock met funkinvloeden is weliswaar muzikaal ook niet overdreven zwaar, het is pret in overvloed. Aangevuld met drummer Philip Kerkhofs voeren ze fijne songs met kop en staart uit. Zelf schijnen ze samengebalde boosheid te horen, maar ik hoor vooral vrolijke, pakkende rocksongs met goede hooks. De productie is simpel gehouden maar prima in balans. Een beetje pop, en beetje rock, een beetje funk en hier en daar een vleugje garagerock. Ze slagen erin met beperkte instrumentatie de perfecte sound voor iedere song neer te zetten. Met slechts één aantekening: van song acht op song negen valt wel op dat ze alwéér hetzelfde gitaargeluidje gebruiken. Aandachtspuntje voor de volgende keer. Van mij mag die er komen.
|
|
|
Vpro's 3voor12 over -Middle Aged Angry Young Men- ( 10juni 2007 )
|
|
Mo'Jones, bekend van onder andere Red Blood, tourde jarenlang door Duitsland, België en Nederland. In 2000 stopte hij voor even met optreden en trok zich terug met zijn broer Skinnie Jones in een leegstaand klooster in Sittard om liedjes te schrijven. In 2002 verschijnt het eerste album 'Strong Man'. Deze werd met veel lof ontvangen door de pers. Datzelfde jaar deed Mo' nog een keer hetzelfde en even later verscheen de cd "My World". Nu is er dan het album 'Middle Aged Angry Young Men', gemaakt door deze mannen op middelbare leeftijd met nog steeds jonge harten.
In november 2005 verscheen het album 'My World'. In tegenstelling tot dat album, dat vol zat met met pop, rock, country en r&b, is de nieuwe cd er één die uit louter rock-'n'-rollsongs bestaat. Geen moeilijk technisch vernuft of gastmuzikanten. Nee, alleen drie musici die met behulp van gitaar, bas en drums dertien funky rockers uit de grond hebben gestampt. De nummers zijn bijna allemaal geschreven door de ervaren schrijver Skinnie Jones, broer van Mo'. Ook hij heeft de titel van de plaat verzonnen, die geen verwijzing blijkt te zijn naar de 'angry young men' van weleer: Elvis Costello, Joe Jackson, Joe Strummer, et cetera.
De cd begint lekker swingend met 'Hey You'. Een beetje blues vermengt met rock. Een lekker in het gehoor liggende song, net als de andere twaalf nummers. Geen ellenlange gitaarsolo's of rare toeters en bellen. Handelend over de ellende, het indivualisme en het geweld op deze aardbol gooit Mo' zijn teksten op een ongepolijste manier eruit. Niet alle songs zijn even rockend, af en toe zakt het een beetje in, zoals het zoetsappige liedje 'Somewhere Inbetween Stansten And London'. 'Face' lijkt een opvuller, maar uiteindelijk is het toch wel een lekker pakkend instrumentaal nummertje.
Dit album toont lef en geeft aan dat Mo'Jones tot alles in staat is. Of het nu gaat om uitgewerkte arrangementen met tig instrumenten of gewoon lekkere standaardrock door middel van de basis line-up. Mo'Jones doet het gewoon.
|
|
|
-Middle Aged Angry Young Men vandaag in de winkels- ( 21 mei 2007 )
|
|
SITTARD – Je hebt artiesten die hun hele artiestenleven lang teren op dat ene hitje, die cd na cd vooral hun eigen stijl trouw blijven, en je hebt artiesten zoals Mo’ Jones, die zichzelf voortdurend blijft herontdekken en niet schroomt om hele nieuwe wegen te gaan. De nieuwe cd Middle Aged Angry Young Men (vanaf 21 mei in de winkel) lijkt in geen velden of wegen op de twee uitstekende voorgangers Strong Man (2003) en My World (2005). Middle Aged Angry Young Men klinkt fris van de lever. Muziek afkomstig van een basic trio (drums, gitaar, bas), dat alle toeters en bellen achterwege laat, om met de meest minimale middelen de maximale energie uit een nummer te halen. Middle Aged Angry Young Men bestaat uit dertien flitsende, korte, felle en bij vlagen knettergekke nummers, bijna allemaal geschreven door de ervaren songsmid van de band: Skinnie Jones. De titel van de nieuwe plaat zegt het helemaal. Dit zijn liedjes van mannen op middelbare leeftijd (die in hun hart nog steeds jong zijn), die een balans opmaken van hun leven. En die balans slaat vooral door naar boosheid, over een wereld die niet is zoals die had moeten zijn. Die boosheid transformeert in een samengebalde energie die letterlijk van deze plaat afspat. Geen slepende ballades op deze plaat, geen gitaarsolo’s of wat voor solo’s dan ook. Mo’ Jones lucht zijn hart en zingt en schreeuwt tegen de heersende stroom van volgzame gezapigheid in, omdat hij weldegelijk begaan en betrokken is met de wereld waarin hij leeft. Juist deze tijd, waarin alles ogenschijnlijk maar doorsuddert en op het punt staat in diepe slaap te sukkelen, zit dringend verlegen om een tegenstem als die van Mo’ Jones. Middle Aged Angry Young Men klinkt als een nieuwe lente, een nieuw geluid, met de meer dan welkome boodschap van mannen van middelbare leeftijd (die in hun hart nog steeds jong zijn), die nog lang niet in slaap gesukkeld zijn. Integendeel: deze cd klinkt als het ontwaken van een nieuw verzet tegen de heersende stroom van volgzame gezapigheid. (Mo’ Jones-bas en zang, Skinnie Jones-gitaar en zang, Philip Kerkhofs-drums) Door: Pedro Rademacher
|
|
|
Dagblad de Limburger ( mei 2007 )
|
Door : Peter van de Berg
|
|
|
John B. Stetson en de heilige geest van de rock'n roll ( 23juni 2006 )
|
|
De Mo’Jones band is het type band dat overal kan spelen. Als het moet spelen ze op een spreekwoordelijk bierviltje, daar doen die jongens niet moeilijk over.
Ik volg de band inmiddels al vele jaren. Al vrij vroeg werd ik gevangen door de drive die deze band heeft. Een soort drive die ik bij veel andere muzikanten mis. Waar anderen vlak voor de bocht beschaafd wat tempo terugnemen, geeft Mo’Jones nog eens extra gas, zonder uit de bocht te vliegen.
Eén van de allereerste keren dat ik ze zag was vele jaren geleden, ergens in een bruin kroegje in België. Het was het type kroeg waar met name heren van middelbare leeftijd een pakt hebben gesloten met hun motor, hun kroeg en hun rock ’n roll. Denk aan leren pantalons, motorlaarzen, spijkerjasjes met griezelige clublogo’s op de rug, stevige bakkebaarden en bandana’s. Het was er zo gezellig druk dat de band bijna letterlijk met de rug tegen de muur stond te spelen.
Aanvankelijk keken de bonkige motormannen ietwat sceptisch naar dat Hollandse bandje dat vooral uit graatmagere muzikanten bestaat. Maar na een paar nummers was het ijs gebroken en deinde de hele kroeg op dezelfde cadans. Als je ontvankelijk bent voor dit soort drive staat Mo’Jones garant voor een hele warme avond. Motormannen hoef je niet uit te leggen wat drive is.
Daarna heb ik ze nog vaak gezien, onder andere tijdens het North Sea Jazz-festival in 2003, vlak na het verschijnen van hun debuutalbum. Door een combinatie van factoren (erg druk, warm weer en bovenal natuurlijk Mo’Jones zelf) werd het tijdens hun concert zo heet dat alle ijskasten in de zaal het begaven. “Er is geen ijskast in de wereld die tegen deze hitte opkan”, zei een hevig transpirerende horecamedewerkster, terwijl ze me een lauwe Spa serveerde.
Toen ik hoorde dat de band op Pinkpop zou verschijnen wist ik al zeker dat ik erbij zou zijn, ook al ben ik al heel lang niet meer naar Pinkpop geweest. Als je Mo’Jones al zovaak gezien hebt op kleine, obscure podia, met kleine en soms gebrekkige geluidsinstallaties, dan ben je erg benieuwd naar Mo’Jones op een groot podium met welhaast perfect geluid en een mooie lichtshow. Noem mij een fan.
We waren er ruim op tijd en wandelden wat rond op het zonnige en kolossale festivalterrein. We bekeken wat groepen en genoten van de algemene atmosfeer. Pinkpop leunde dit jaar erg veel op de Britse pop en misschien daarom kreeg ik in de loop van de dag een beetje het gevoel dat ik iets miste.
”Ik zou er wat voor over hebben als er nu een originele Elvis op het podium zou verschijnen, die met een basic-band met originele instrumenten originele rock ’n roll zou spelen”, zei ik tegen iemand die begreep wat ik bedoelde. De muziek heeft zich in de loop der jaren eindeloos ontwikkeld, iedere band experimenteert er driftig op los, op zoek naar weer iets nieuws, weer iets anders. Maar niemand speelt nog de originele muziek waar het ooit allemaal mee begon: rock ’n roll.
Een kwartier voor tijd stonden we in de grote tent waar Mo’Jones zou spelen. Zenuwachtig, gespannen, maar ook in blijde verwachting. Noem mij een fan.
Na de hartverwarmende aankondiging van Giel Beelen was het een feit: Mo’Jones op Pinkpop 2006! Wie had dat destijds in die bruine Belgische kroeg durven dromen?
Toen de band op het podium verscheen sloeg mijn hart een paar tellen over. De band zag er tiptop uit, het podium was prachtig getooid met het logo van hun nieuwe plaat en Mo droeg een gigantische joekel van een John B. Stetson-hoed. De beroemdste hoed uit de Amerikaanse muziekgeschiedenis.
Vanaf de eerste tel was die fenomenale drive weer daar en viel het geluid als een brullende waterval over ons heen. Om mij heen ging menigeen uit zijn dak, begonnen mensen te dansen en luidkeels mee te zingen. Ik wilde huilen en lachen tegelijk.
Speciaal voor Pinkpop haalde de band alles uit de kast om de toegestane drie kwartier speeltijd optimaal te vullen. Speciaal daarom verspeelden ze dus geen kostbare tijd aan applaus, maar werden alle nummers naadloos aan elkaar aaneengesloten. Tempo, tempo tempo.
Toen Mo tegen het einde plaatsnam op een cajón (cajón is Spaans voor kist en dat is precies wat een cajón is) om solo, zonder band, het nummer Revolution te zingen en te trommelen, zong driekwart van de tent mee. Kijk, dat bedoel ik: dat je louter met je stem en met een Spaanse kist de zaak aan het zingen krijgt.
Zoals alle Mo’Jones-fans inmiddels weten gaat Revolution over de belangrijkste overwinning die een mens in zijn leven kan bereiken: een overwinning op jezelf. Maar vooral vandaag was Revolution ook een overwinning van de heilige geest van de rock ’n roll.
Door: Pedro Rademacher
|
|
|
VPRO's 3voor12 ( 19 april 2006 )
|
Mo' Jones benoemt zijn vijf favoriete albums allertijden:
#1 Stevie Wonder - Songs in the key of life
Dit album heeft mij als jochie van een jaar of tien ongelooflijk geïnspireerd. De onnavolgbare grooves en unieke timing, de akkoorden die alleen hij maakte, zijn eigenzinnige en virtuoze manier van spelen. Of het nu drums zijn, piano, mondharmonica, Moog of whatever, zijn stem en zijn koortjes, de productie, de arrangementen. Naast dat alles ook nog eens de gewoon waanzinnige songs .Vanaf 1976 wist ik wat ik wou na dat album, ik wilde muziek maken, en niets anders meer, en als ik nu, 30 jaar later naar het album luister, verrast het me nog steeds.
#2 Bob Dylan - The freewheelin' Bob Dylan
Bob Dylan mag in mijn top vijf absoluut niet ontbreken. Het gekke is dat ik in mijn jeugd constant Bob hoorde zingen als ik op de gang ging staan, mijn broer was en is een grote Dylan fan, ik zat meer in de 'zwarte muziek'. Ik vond hem toen al geniaal, maar het was aanvankelijk meer uit respect voor zijn schitterende liedjes dan om zijn muziek. Toen was er voor mij nog een groot verschil tussen die twee. Nu niet meer. De laatste paar jaar is het mij helemaal duidelijk; 'Oxford town', 'Masters of war', 'Blowin' in the wind', ik kan zo nog een hele tijd door gaan. Check z'n site, wat een songs, het houd maar niet op!
#3 Ray Charles - Ray Charles Live
Ray Charles is iemand die mij altijd kippenvel bezorgt. Net als Stevie heeft hij iets dierlijks als hij speelt en zingt en iets dat verder gaat dan alleen maar een liedje spelen. De intensiteit is vaak zo groot dat het echt bezit van me neemt. Ik heb gekozen voor dit live album omdat het de eerste keer was dat ik Ray Charles hoorde. Eerlijk gezegd had ik ook andere albums kunnen kiezen. Maar goed, deze is wel heel erg mooi.
#4 Neil Young - Harvest
Dit legendarische album heb ik gekozen omdat ik bij dit album zwaar nostalgische gevoelens krijg. Mijn moeder is Indonesisch. Toen ik een jaar of twaalf was zaten mijn Indo neven en nichten met hun Indo vrienden vaak buiten te kletsen en te voetballen. Daarnaast werd er veel muziek gemaakt. Liefst Neil Young, The Outlaws, The Eagles, Crosby, Stills, Nash and Young, The Band enz. Als er liedjes van Neil Young werden gespeelt kwam ik altijd in een soort luie, happy roes. Later zag ik Neil Young live op M.T.V. Unplugged met een bezem en een zandbak, en hup, ik moest meteen weer aan die Indo's denken, en die luie, happy roes...
#5 Jeff Buckey - Grace
Het is een cliché, maar ik zeg het toch, wat jammer dat hij er niet meer is. Een absoluut topalbum. Ik zat een jaar of twee geleden in België in een studio toen ik de titeltrack weer eens hoorde, het pakte me meteen en ondanks dat het zo'n eigenzinnig album is klinkt het zo vanzelfsprekend.
|
|
|
Parkstad Popstad Recensie ( 13 maart 2006 )
|
|
Het was ff wachten, maar ook Parkstad heeft kennis mogen maken met Stevie Ann. Een kennismaking die velen nog lang zullen blijven herinneren, want ze heeft wel indruk achter gelaten. Althans haar muziek. Wat een mooie liedjes heeft ze gemaakt, en wat kan ze die mooi vertolken. De presentatie is wat anders, want de mooie ingetogen liedjes die Stevie Ann heeft gecomponeerd, worden op eenzelfde ingetogen manier ten gehore gebracht. Misschien iets te ingetogen, waardoor het af-en-toe lijkt alsof ze zich niet echt lekker in d'r velt voelt boven op dat podium voor een volle zaal. Bijna op het schuchtere af, maar dat is direct ook weer de charme van Stevie Ann, en het past zoals gezegd wel heel goed bij haar muziek.
Wat dat betreft kan de contradictie met de band die na haar speelt niet groter zijn, want Mo'Jones is juist een band met up-tempo, rockende, funky nummers en een behoorlijk extraverte zanger. Afgelopen woensdag maakte Jan Smeerts bekend dat Mo'Jones dit jaar ook op Pinkpop zal spelen en in het begin van dit optreden stond ik even vertwijfeld te kijken of deze band daar wel op z'n plek zou staan en indruk kan maken op het Pinkpop publiek. Na een paar nummers, en vooral na het aanhoren en aanzien van een nummer als Revolution, waarbij Mo het publiek erg goed blijkt te kunnen bespelen. Hij doet me zelfs een beetje denken aan Hans Teeuwen op de manier waarop hij contact heeft met het publiek. Ook de annecdote over de twee duifjes geeft aan dat Mo'Jones niet alleen een begnadigd muziekant, maar vooral een entertainer is. Die plek op Pinkpop is ze dan ook van harte gegund, en ik denk dat ze een hele goeie indruk achter zullen laten bij de vroege vogels op Pinkpop.
Recensie door Gilles
|
|
|
Mo'Jones Live In MusicMachine ( 12 januari 2006 )
|
|
De echte goede bands hebben niet veel middelen nodig om je een onvergetelijke avond te bezorgen. Het Sittards Mo'Jones is zo'n band. Opgebouwd rond de broertjes Jan en Ron van de Burgt heeft deze band al in het voorprogramma van Prince en op het North Sea Festival gespeeld. Bij deze "unplugged" set in Music Machine laten ze horen waarom. Ron (akoustische gitaar en zang) en Jan (bas, mondharmonica, percussie en zang) zijn vanavond met zijn tweeën en hebben er duidelijk zin in. Na twee nummers hebben ze alle aanwezigen in Music Machine al aan het meezingen. Hun set is een aaneenschakeling van muzikaal vakmanschap, humor, entertainment, emotie en originaliteit. De nummers van hun op zich al zeer goede albums worden hier op een manier gebracht zonder enige productionele poespas, nl. "recht uit het hart". James Brown, Tom Waits, Afro-Beat en de prachtige Mo'Jones stijl worden op een zeer overtuigende manier vervlochten en op een wijze gebracht die iedere muziekliefhebber doet smelten. Het is dan ook niet verwonderlijk dat na afloop van het optreden zelfs onverbiddelijke Emo-core liefhebbers zichzelf een cd kopen en hem laten signeren.
Als je Mo'Jones live aan het werk ziet ga je gegarandeerd voor de bijl. Deze jongens hebben het muzikale hart op de juiste plaats. SUPERBAND.
|
|
|
Pop Pers Prijs ( januari 2006 )
|
|
De twaalfde Pop Pers Prijs, uitgebreid met het Buma Journalisten Stipendium, is op vrijdag 13 januari 2006 tijdens het Noorderslag Seminar in de Groningse Oosterpoort uitgereikt aan Leon Verdonschot. Hij is journalist voor Nieuwe Revu en de Groene Amsterdammer en presentator bij KinkFM. In 2005 publiceerde Limburger Verdonschot zijn verhalenbundel Hart Tegen Hart. De Pop Pers Prijs is een initiatief van het Nationaal Pop Instituut ter stimulering van de Nederlandse popmuziek in het algemeen. Aan de Pop Pers Prijs is een bedrag verbonden van 2.500.
‘De winnaar van de Pop Pers Prijs 2005 is een volbloeds allrounder, iemand die de voor onverenigbaar gehouden begrippen ‘afstand’ en ‘betrokkenheid’ als vanzelfsprekend in één persoon verenigt’, aldus het juryrapport. ‘Opvallend is de openhartigheid waarmee alle geïnterviewden spreken. Je leest dingen, die je nergens anders te weten komt, terwijl veel van de geïnterviewden toch ook in de andere bladen staan. Het antwoord op deze vraag zit hem in de door Verdonschot gestelde vragen zelf. Die getuigen van zo’n groot mededogen, dat ze haast niet anders dan het beste losmaken in de aangesprokene.’
|
|
|
Geen polonaise aan het lijf van Mo' Jones ( 12 januari 2006 )
|
Ze komen wél uit Limburg, maar in hun muziek zul je geen blaaskapel kunnen ontdekken. Hun debuutalbum ‘Strong man’ bevatte nog veel soul en funk, maar dat is nu ver te zoeken.
De opvolger ‘My world’ is pure, zuivere pop. Zonder fratsen. Dat scheelt. Let vooral op nummers als ‘Dream on’ en het titelstuk, maar ook de single ‘Always the same’ is van hoge kwaliteit. Dit album staat boordevol prima songs, hier en daar besprenkeld met wat ska-invloeden en doorspekt met flinke gitaarpartijen. Mo’ Jones zijn de broers Mo en Skinnie Jones, die alle nummers zelf schreven en meteen ook de productie, backing vocals en de meeste instrumenten voor hun rekening namen. Dat scheelt ook.
ref: Stichting Nederlandse Muziek
|
|
|
OOR ( december 2005 )
|
|
Van de Everly's tot de Gallaghers - het lijkt een traditie dat muziekmakende broers elkaar graag naar het leven staan. Jan en Ron van der Burgt, alias Mo' en Skinnie Jones, vormen de uitzondering op deze regel. Twee totaal uiteenlopende karakters die hun verschillende inborst net slim uitspelen. Dat gebeurde al ten tijde van Red Blood, een groep die ooit tot de eredivisie van de Limburgse pop behoorde. Met het debuut Strong Man sloegen ze via Mo'Jones hun vleugels uit naar een breder publiek. Was dat album nog een weelderig gearrangeerde mix van r&b, funk, hip hop, op My World keert men terug naar de eenvoud van het pure popliedje. Gitarist Skinnie tekent voor het merendeel van de composities, gezongen door multi-instrumentalist Mo', die meer soul in zijn pink heeft dan de meeste collega's in hun complete donder. Luister naar het titelnummer, Always The Same, Dream On of Lately en je bent gegarandeerd verkocht. My World barst uit zijn voegen van (hit)potentie. Voor de band is het te hopen dat de doorgaans lethargische commerciele radiokliek een helder moment heeft. OOR-lezers zijn zelf wel slim genoeg om niet achter de feiten aan te hollen.
Door: Marcel Haerkens
|
|
|
Mo'Jones keert terug naar de liedjes. ( november 2005 )
|
Door : Paul van der Steen, Dagblad de Limburger
|
|
|
My World, de lang verwachte opvolger van Strong Man.( november 2005 )
|
Toen Volumia! na jarenlang succes besloot om met vervroegd pensioen te gaan,
kwam er ook een eind aan een tijdperk dat veel Limburgers in gezamelijke trots verbond. Onze provincie bracht en brengt echter vele andere muzikale talenten voort die op nationaal of internationaal niveau behoorlijk (kunnen) scoren. Mo'Jones uit Sittard is daar een uitstekend voorbeeld van!
De CD presentatie van My World, de lang verwachte opvolger van het indertijd enthousiast ontvangen debuutalbum Strong Man (2002) werd afgelopen zondagmiddag 6 november in de Fenix te Sittard gehouden. Voor een zeer gemeleerd publiek bracht de vier man sterke formatie overtuigd het nieuwe repertoire, want in tegenstelling tot de overwegend funky r&b stijl van de eerste CD, zoekt Mo'Jones het met My World meer in een richting die rock, pop, country en singer-songwriter elementen vermengt tot een eigenzinnige mix die wederom als Mo muziek bestempeld kan worden! Vrijwel alle nummers zijn geschreven door Skinnie Jones die voor zowel de teksten als de muziek tekent. Alleen het breekbare Nothing is door Mo zelf geschreven, als slotnummer van de CD laat het de luisteraar achter met een gevoel van hoop dat het nog niet voorbij is. Dus beginnen we gewoon opnieuw, met het aanstekelijke My World dat gevolgd door de single Always The Same al snel in je hoofd blijft hangen, zelfs al heb je deze nummers pas een keer gehoord. Namen als John Hiatt, Boz Scaggs, Robert Palmer, Lenny Kravitz en Elvis Costello doemen spontaan op (als je oud genoeg bent tenminste!), ook hoor je in sommige passages zelfs een vleugje Jimi Hendrix, wat een heel eigen charme met zich meebrengt. Het zijn de details die voor verrassende en verfrissende momenten zorgen in een overwegend aanstekelijk geluid, niet in het minst dankzij Mo's warme stem, zijn bluesharp en de meerstemmige koortjes. Het is muziek voor onderweg, in de auto of trein, als de wereld en het leven aan je voorbijtrekken. Soms pittig en stevig, maar ook gevoelig en melancholiek.
Inbetweens Records
My World is uitgebracht op het label van Jos Starmans die sinds vier jaar weer terug is op Limburgse bodem na ruim twintig jaar in Tilburg te hebben gewoond. Muziek was altijd al een passie, maar met een intrument op het podium staan leek om onverklaarbare redenen geen haalbare kaart. Dus koos hij voor een rol achter de schermen en kreeg zijn Inbetweens Records in 1997 gestalte dankzij een samenwerkingsverband met Amerikaanse musici uit San Francisco. Jos Starmans: ''Het is begonnen met de band Mushroom, hun bandleider zou tevens mijn contactpersoon zijn voor de distributie van platen in de VS. Dat heeft ook een hele tijd goed gewerkt, ik richtte me veel op Amerikaanse en Canadese singer-songwriters en bracht sowieso uitsluitend muziek uit waar ik zelf een goed gevoel bij had. Al doende raak je vertrouwd met alles eromheen, toen we een Neil Young Tribute album uitbrachten waar 37 artiesten aan meededen, toen realiseerde ik me eigenlijk pas dat ik daar best veel mensen door heb leren kennen. Het bleek ook een project waar we Inbetweens Records mee op de kaart zetten." De laatste jaren is Jos Starmans zich gaan verdiepen in de Limburgse dialectmuziek. Zo worden de albums van de bekende dialectzanger Arno Adams ook bij Inbetweens uitgebracht en Jos Starmans is tevens zijn manager. "Dialectmuziek doet het goed in Limburg, zo ondervinden wij veel steun van L1 die mijn artiesten geregeld aandacht geeft, op zowel de televisie als op de radio. Ook de nieuwe single van Mo'Jones, Always The Same komt met de leuke aparte clip behoorlijk uit de verf, zoiets blijft als je het gezien hebt zeker in je geheugen rondhangen."
Limburg barst van het muziektalent
Dat onze provincie bruist van muzikale activiteiten zal duidelijk zijn. Dat de initiatieven niet vergeefs zijn en door officiele kanale gevolg worden, is misschien minder bekend. In een recentelijk artikel over de nominaties voor de Limburgse Cultuurprijs 2005 bleek dat jong pop/rock talent zoals een I.N.F.A. en Chain Reaction gesteund worden vanuit provinciaal niveau. SPL, Stichting Popmuziek Limburg, houdt zich ook bezig met de promotie en ontwikkeling van de jongerencultuur in onze provincie. Joery Wilbers van SPL heeft er zijn handen vol aan, maar blijft tomeloos enthousiast over de verscheidenheid aan muzikale stromingen en bands die in Limburg op zoek zijn naar een eigen plek. Sommigen doen het op eigen kracht, zoals de jongens van Mo'Jones. Ze speelden al jarenlang gedreven door hun passie voor muziek, in verschillende bezettingen ook, tot ze een bepaalde draai vonden wat in 2002 uiteindelijk resulteerde in een eerste CD. Een doorbraak op nationaal niveau volgde, gelardeerd met verschillende (televisie-)optredens en toeren in het voorprogramma bij grote namen als een Level 42, maar het blijft keihard werken om professioneel muzikant in de running te blijven. En zelfs dan kan het op een gegeven moment genoeg zijn. Zo hield de populaire Volumia! het na tien jaar wel voor gezien en dan hebben we het nog niet eens over de genre-gevoelige muziek van bands die vaak een minder breedschalig publiek aanspreken maar zeker kwaliteit hebben of een stukje eigen Limburgse muziekcultuur vertegenwoordigen. Hoe dan ook, het is een doorlopende cyclus want de volgende generaties staan al te trappelen van ongeduld, terwijl ze soms nog maar nauwelijks met hun hoofdjes boven het podiom uitkomen. Zoals afgelopen zondag bij Mo'Jones in de Fenix, waar de liefde en fascinatie voor muziek al op jonge leeftijd gevoed wordt. Mo'Jones zette live een strakke en stevige versie van hun tweede album neer, met gitarist Roy Tokaya als een nieuwe aanwinst in een bezetting die verder bestaat uit Philip Kerkhofs (drums),
Skinnie Jones (gitaar, backing vocals) en Mo'Jones (bas, vocals). Ik zou zeggen, zorg dat je My World in je bezit krijgt, laad het op je mp3-speler en ga voor een tijdje met de ogen dicht je vrijheid tegemoet...
Door: Gina Vodegel, writing affairs
|
|
|
De Stem ( december 2005 )
|
De Limburgse band Mo'Jones heeft na het behoorlijk succesvolle debuut Strong Man uit 2002 een opvolger van formaat afgeleverd. Elf liedjes die strijden om het predikaat 'meest perfecte popliedje van 2005', zowel in de tragere sector met akoestische gitaar en mondharp als in de iets stevigere categorie met meer elektrisch snarengeweld. Het kwartet van zanger Mo'Jones begeeft zich muzikaal ergens precies tussen de groepen Racoon, Counting Crows en The Smalltown Romeos in. De altijd prettig in het gehoor liggende liedjes bevatten iets meer roots dan die van de eerste, en wat meer hitpotentie dan die van de laatste. Vooral Always The Same is een song om keihard mee te fluiten op weg naar het buurtcafe voor een potje tien over rood. Niet dat alle teksten van broer Skinnie Jones altijd even vrolijk zijn; dat zijn ze zeker niet. Maar ze weten wel te ontroeren en bevatten vaak een positieve instelling, zoals in Child, dat vanwege een geweldige drive, een knappe melodie en die prettige, licht krakende stem waarin zowel passie, kracht en emotie doorklinkt, van internationale klasse getuigt. De cd bevat ook nog een lekkere reggaeriff in de kritische noot over tv-beschaving (Civilization heeft wel iets van een Engelstalige Doe Maar) en een jazzy swing in het na een halve keer draaien niet meer uit je hoofd te branden Can't Get Enough. Mo'Jones verdient veel airplay. Om te beginnen in uw huiskamer!
Door: Willem Jongeneelen
|
|
|
top
|
|